Samenvatting: |
Dit thema valt onder de arrangeerbare leerlijn van de Stercollectie voor biologie voor vmbo-b34. Dit thema gaat over het grootste orgaan en bevat 7 onderwerpen. Het eerste onderwerp gaat over levenskenmerken, hierbij leer je wat verschillende levenskenmerken zijn (bewegen, waarnemen, reageren, voortplanten, groeien, ontwikkelen, eten/voeden, ademhalen en uitscheiden) en kan je de levenskenmerken bij een organismen herkennen. Ook kan je het verschil tussen dood, levenloos en levend uitleggen. Het tweede onderwerp is bouw van een cel, hierbij kan je de belangrijkste onderdelen van een plantaardige cel (celwand, vacuole, plastiden (chloroplasten, chromoplasten en leukoplasten), celmembraan, cytoplasma, celkern en kernmembraan) en een dierlijke cel (celmembraan, celkern, kernmembraan en cytoplasma) benoemen. Je kan de plantaardige cel en dierlijke cel met elkaar vergelijken en je kan ze tekenen. Het derde onderwerp is cellen en weefsels, hierbij leer je hoe weefsels zijn opgebouwd en kan je vier soorten dierlijk weefsel (steunweefsel, beenweefsel, kraakbeenweefsel, spierweefsel, zenuwweefsel (gevoelszenuwcellen, schakelcellen en bewegingszenuwcellen) en drie soorten plantaardig weefsel (steunweefsel, dekweefsel, vezels en vaatweefsel) noemen. Het vierde onderwerp heet van cel tot orgaanstelsel, hierbij leer je wat weefsel is (een groep cellen met dezelfde functie in ongeveer dezelfde vorm), wat een orgaan is (onderdeel van een organisme dat uit weefsels bestaat en een of meer functies heeft) en je kan minimaal vijf orgaanstelsels benoemen (bloedvatenstelsel, ademhalingsstelsel, verteringsstelsel, uitscheidingsstelsel, voortplantingsstelsel man, voortplantingsstelsel vrouw, spierstelsel, botstelsel/ skelet, hormoonstelsel, zenuwstelsel en zintuigstelsel) met een of twee organen uit dat orgaanstelsel. Het vijfde onderwerp is cellen van bacteriën, hierbij leer je wat de onderdelen van een bacteriecel is (celmembraan, cytoplasma en chromosoom), kan je met een voorbeeld uitleggen dat een bacterie nuttig of schadelijk kan zijn. Ook kan je uitleggen waarom bacteriën reducenten zijn en kan je uitleggen hoe bacteriën zich voortplanten (celdeling is een vorm van ongeslachtelijke voortplanting). Het zesde onderwerp gaat over cellen van schimmels, hierbij leer je wat de onderdelen van een schimmelcel zijn (celwand, cytoplasma, celmembraan, celkern en kernmembraan). Kan je met een voorbeeld uitleggen dat schimmels nuttig of schadelijk kunnen zijn. Kan je uitleggen dat schimmels reducenten zijn en kan je beschrijven hoe schimmels zich voortplanten (via sporen). Het zevende onderwerp is de huid, hierbij leer je de onderdelen van de huid (talg en talgklieren, opperhuid, lederhuid, onderhuids bindweefsel, haar, hoornlaag, kiemlaag, haarspiertjes, bloedvat, haarzakje, zweetklier en vet) te benoemen met behulp van een afbeelding en kan je de verschillende functies van de onderdelen van de huid beschrijven. Ook leer je wat de rol van pigment is bij de bescherming tegen ultraviolette (UV) straling. |